De dosha’s op de yogamat: yoga voor vāta, pitta en kapha

Als yogabeoefenaar weet je waarschijnlijk ook wel wat -ongeveer- je Ayurvedische constitutietype (dosha) is. Misschien ben je een luchtig vata persoon, ben je meer een vurig pitta type of heb je juist vooral veel stabiliteit, en dus kapha, in jouw constitutie. Maar wat betekent dit voor je yogabeoefening?

Welke asana’s kun je het beste doen als vata uit balans is? Welke prānayāma gebruik je als je pitta dosha wilt verlagen? En waar moet je als kaphatype op letten als je gaat mediteren?

Het woord dosha verwijst naar de potentie van vata, pitta en kapha om ziekte teweeg te brengen. Neem je de dosha’s als leidraad voor je yogabeoefening dan staat het verlagen van de dosha die uit balans is voorop. De dosha’s werken hierbij volgens de wet van de communicerende vaten: het versterken van twee dosha’s leidt automatisch tot een verlaging van de derde.Dus is vata uit balans? Dan zullen oefeningen die pitta en kapha versterken vata kalmeren. Elke dosha heeft als het ware een ‘pakketje eigenschappen’ en daarin versterken de gelijken elkaar, terwijl de tegenstellingen juist voor balans zorgen.

VATA DOSHA

Vata dosha wordt gevormd door de elementen lucht en ruimte en heeft dus luchtige, ruimtelijke kwaliteiten: snel, onregelmatig, koud, helder, licht en droog. Om vata te balanceren heb je daarom voeding, een leefstijl en ook yogaoefeningen nodig waarin het tegengestelde overheerst. Denk aan warm, voedzaam eten, een gestructureerd levensritme en een yogabeoefening met een aardend en stabiliserend effect. De drie R’s zijn perfect voor vata: rust, reinheid, regelmaat.

Maar is vata de dominante dosha, of is vata uit balans, dan zijn rust, reinheid en regelmaat helemaal niet zo eenvoudig. Elke dosha zoekt van nature zijn eigen energie op in plaats van zich te richten op balans. Dus is één van de dosha’s uit balans dan zul je de neiging hebben om dingen te doen die die dosha juist verder versterken.

Ben je een vatatype dan ben je beweeglijk als de wind en ben je dus ook graag in beweging, zowel fysiek als mentaal. Je bent flexibel, ruimdenkend, enthousiast en creatief. Je houdt van reizen en bent wars van structuur en stabiliteit. Maar raakt vata dosha uit balans door een gebrek aan stabiliteit dan ben je vlug afgeleid, heb je weinig energie en voel je je bezorgd, rusteloos of angstig.

Als vatatype vind je het fijn om actief te zijn en dat geldt ook voor je yogabeoefening. Je voelt je aangetrokken tot energieke vormen van yoga en doet graag intensieve achteroverbuigingen. Maar continu in beweging zijn en diepe achteroverbuigingen doen die je energie verder omhoog en naar buiten brengen zorgt er juist voor dat vata alleen maar meer uit balans raakt.

ASANA’S EN PRANAYAMA VOOR VĀTA

Ook voor de beoefening van yoga geldt voor vatatypen daarom: rust, reinheid en regelmaat. Een gebalanceerde yogabeoefening voor vata is erop gericht om de energie naar beneden te bewegen en te aarden in de grond. Doe je oefeningen daarom traag en leg de nadruk op stabiliteit, balans en eenvoud. Breng routine aan in je beoefening en, niet onbelangrijk, breng de discipline op om je aan die routine te houden. Oefen eenvoudige series die je vaker herhaalt en blijf langer in de houdingen. Hoe langer je met zachtheid en zonder stress aardende, stabiliserende, verstillende asana’s kunt doen, hoe effectiever die houdingen zijn voor het kalmeren van vata dosha. Stil zitten, in stilte, is voor vata zowel de uitdaging als de beloning.

Goede asana’s voor vata zijn oefeningen die de stabiliteit van kapha en de focus van pitta versterken. Denk aan krachtige staande houdingen zoals virabhadrasana en trikonasana, maar ook aan balanshoudingen, staande vooroverbuigingen, torsies, houdingen die gericht zijn op buikkracht en houdingen waarbij je op de grond zit of ligt.  Gebruik ujjayi tijdens het oefenen van je asana’s en doe na afloop anuloma viloma. Deze prānayāma verlaagt vata direct.

MEDITATIE VOOR VĀTA

Mediteren helpt je om je rusteloze geest te kalmeren. Het verlicht je neiging tot bezorgdheid en helpt je grip te krijgenop je hyperactieve mind. Is vata erg hoog dan is het moeilijk om stil te zitten en zit je lager in je energie, waardoor je concentratie makkelijk verslapt. Zorg daarom, voordat je gaat mediteren, voor aarding. Breng je aandacht in je lichaam met asana’s, prānayāma of yoga nidra. En let er tijdens het mediteren op dat je jezelf niet verder ont-aardt door te verdwalen in je gedachten. Dat verstoort vata alleen maar meer. Het oefenen van dhāranā (concentratie) is extra belangrijk voor vata dosha.

PITTA DOSHA

Het element dat bij pitta dosha hoort is vuur, met daarbij het element water. Het heeft daarom vurige kwaliteiten zoals heet, intens en scherp, maar is ook vloeibaar en doordringend als water. Als pittapersoon maakt dit je niet alleen warm, vriendelijk en moedig, maar ook intelligent, gefocust en gedisciplineerd.  Je weet wat je wilt en je werkt er hard voor om dat te bereiken. Maar laait je vuur te hoog op dan raak je uit balans en word je controlerend, competitief, snel geïrriteerd of zelfs woedend: het gevolg van teveel hitte in je systeem. Omdat het je valkuil is om -te- hard te werken en te streven naar prestatie, status en succes, heb je juist TLC nodig: tender loving care – zachtheid, liefde en het besef dat je helemaal oké bent zoals je bent op dit moment. Je mag spelen, genieten en leuke dingen doen, zonder doel.

ASANA’S EN PRANAYAMA VOOR PITTA

Zet in je yogabeoefening daarom zachtheid en speelsheid voorop. Je hebt de neiging om de competitie aan te gaan, met jezelf en anderen, maar die drive werkt pitta versterkend. Liever wil je je inspanning en focus verzachten. Je hebt een vriendelijke, verkoelende yogabeoefening nodig die je de ruimte geeft om los te laten. Je beoefening mag boeiend en uitdagend zijn, maar ook makkelijk, ontspannend en niet-doelgericht. Oefen op een zachte, geduldige manier. Vind je flow in langzame, gemakkelijke en vloeiende bewegingen, zoals een rustige zonnegroet of een verkoelende maangroet. Houd het luchtig. En als het lukt, en het roept geen irritatie op, blijf dan even stil in een houding – maar niet te lang en met zo min mogelijk inspanning, dus zonder hitte te creëren. Denk hierbij aan torsies, die pitta harmoniseren, en aan zittende houdingen die kapha versteken. Vooral zittende vooroverbuigingen, zoals baddha konasana, ontspannen en kalmeren pitta. Ook in het oefenen van prānayāma mag  de nadruk liggen op verkoelende oefeningen. Heb je het heet, voel je je prikkelbaar of zijn je emoties verhit? Dan is shitali of sitkari prānayāma heel geschikt om af te koelen. Ook brahmari heeft een ontspannend effect op pitta dosha.

MEDITATIE VOOR PITTA

Mediteren helpt je om je boosheid en behoefte aan controle los te laten. Mantrameditatie is een mooie manier om je sterke mentale energie op een positieve manier te focussen. Zorg er wel voor dat je relaxed bent als je gaat zitten. Je flink in het zweet werken van te voren is niet de beste voorbereiding op je meditatie. Doe liever een aantal verkoelende asana’s en brahmari of shitali prānayāma. En let erop dat je je meditatiebeoefening niet verandert in alweer een vorm van prestatie. Mediteer vanuit zachtheid.

KAPHA DOSHA

Kapha dosha, dat bestaat uit de elementen aarde en water, is als modder: zwaar, zacht, koel, compact en stabiel. Als kaphapersoon ben je daardoor kalm, liefhebbend, attent en goed geaard. En je hebt een ontzettend goed geheugen: jij hebt geen kalender of Facebookherinnering nodig om verjaardagen te onthouden. Je bent liefdevol, geduldig en tevreden, maar ook erg gehecht: aan je spullen, gedachten, emoties en aan andere mensen. Je hebt je een wat lager niveau van activiteit en hebt de neiging om vast te lopen. Om in beweging te komen heb je daarom stimulans en een sterke motivatie nodig. Is kapha uit balans dan kun je heel koppig zijn en je somber, onverschillig of gedeprimeerd voelen.

ASANA’S EN PRANAYAMA VOOR KAPHA

Wat je wilt is in beweging komen en hitte creëren: alles waar je het warm van krijgt en bij in beweging komt is goed voor kapha. Een goede yogabeoefening is daarom licht, snel, stimulerend, beweeglijk en verwarmend. Oefen op een energieke, dynamische manier en werk harder dan je in eerste instantie prettig vindt. Blijf actief, daag jezelf zichzelf uit en ga voorbij wat je zelf denkt dat je grens is. Dynamische en intense houdingen die vata en pitta versterken zijn goed voor je. Denk aan achteroverbuigingen, omgekeerde houdingen en intensieve  zonnegroeten. Vooral inversies, zoals de hoofdstand en de handstand, maar ook de staande houdingen en balanshoudingen verlagen kapha. Doe daarnaast verhittende, opwekkende prānayāma’s zoals kapalabhati en bhastrika. Deze oefeningen creëren warmte en beweging en zijn bovendien heel goed voor je conditie.

MEDITATIE VOOR KAPHA

Mediteren helpt je om je gehechtheden los te laten en om loomheid en mentale stagnatie tegen te gaan. Omdat je stimulans en motivatie nodig hebt om überhaupt te gaan mediteren werkt een gedisciplineerde meditatiebeoefening of mediteren in groepsverband het beste voor je. Breng voor je gaat zitten wel eerst je lichaam en je energie in beweging  met asana’s en een activerende prānayāma. En voorkom dat je tijdens het mediteren in slaap valt door te kiezen voor een actieve meditatievorm, zoals mantrameditatie of het afwisselen van zitmeditatie af met loopmeditatie. Voor jouw meditatie geldt vooral: blijf alert en houd je aandacht erbij.

CONCLUSIE

Het beoefenen van asana’s en prānayāma naar constitutietype is geen wet van Meden en Perzen. We hebben allemaal alle drie de dosha’s in ons, zij het in verschillende verhoudingen. Neem je basisconstitutie daarom ook niet als strakke leidraad voor je beoefening. Stem je oefeningen liever af op de dosha die op dat moment uit balans is en onthoud: rust, reinheid en regelmaat kalmeert vata, TLC ontspant pitta en kapha stimuleer je met pit en dynamiek. Heel logisch eigenlijk.

Liselotte


[Dit artikel werd gepubliceerd in Tijdschrift voor Yoga #3, 2019 // Foto: Amish Thakkar | Unsplash]